Een website van het War Heritage Institute

Veldslag
Slag bij Ramillies (1706)

De hertog van Marlborough bevestigt zijn militair vernuft

Slag bij Ramillies (1706)

Info veldslag

Waar
  • Ramillies
Wanneer
23 mei 1706
Conflict
  • Spaanse successieoorlog (1702-1713)
Strijdende partijen
Leger van de Twee Kronen: Frankrijk - Spanje
  • Engeland
  • Schotland
  • Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
  • Denemarken
Troepensterkte
  • ca. 62.000 manschappen
  • 70 bataljons
  • 132 eskadrons
  • 62 kanonnen
  • ca. 65.000 manschappen
  • 74 bataljons
  • 123 eskadrons
  • 90 kanonnen – 20 mortieren
Slachtoffers
  • ca. 13.000 gesneuvelden – gewonden
  • ca. 7.000 gevangenen
ca. 3.000 gesneuvelden - gewonden
Legerleiders
François de Neufville, hertog van Villeroy
John Churchill, hertog van Marlborough

Synopsis

Tijdens de Spaanse successieoorlog worden de Zuidelijke Nederlanden vanaf 1705 de inzet van een hevige strijd tussen Frankrijk en de coalitie van zijn vijanden (de Grote Alliantie) aangevoerd door de hertog van Marlborough. De Franse maarschalk de Villeroy, uit op een groot militair succes, besluit in mei 1706 de strijd aan te binden met het geallieerde leger. Zonder op versterking te wachten, verlaat hij op 18 mei 1706 met zijn leger de streek van Leuven en begeeft hij zich naar Tienen, om op zondag 23 mei op het plateau van Ramillies aan te komen. William Cadogan, bevelhebber van de verkenners van de hertog van Marlborough, merkt de beweging al snel op. Hierover geïnformeerd, vervoegt de hertog zich bij hem en slaat met verbazing de ontplooiing van het vijandelijke leger gade. Villeroy stelt zijn troepen op langs de westelijke oever van de Kleine Gete op, zijn hoofdzakelijk uit infanterie bestaande linkervleugel bezet de heuvels tussen Autre-Eglise en Offus, zijn centrum plaatst hij tussen Offus en Ramillies. Rechts, ten slotte, staan een groot aantal cavalerieregimenten, waaronder het 'Maison du roi' (eenheden met als hoofdopdracht de bescherming van de koning). Zijn uiterste rechterflank steunt op de Méhaigne, een zijriviertje van de Maas. Om elke vijandelijke opmars te kunnen vertragen stelt Villeroy vóór zijn linies infanteriedetachementen en eskadrons op. Zijn centrum en zijn linkerflank worden door de modderige draslanden van de Kleine Gete gedekt.

De slag bij Ramillies (23 mei 1706) (detail gravure Carrington, Londen, coll. Arents)

De Franse opstelling vertoont een holle vorm en de hertog van Marlborough gaat met zijn troepen dan ook voor een bol front, waardoor hij bovendien zijn eenheden sneller kan verplaatsen. Hij vat post op de oostelijke flank van de kom gevormd door de Kleine Gete, tegenover de dorpen Ramillies, Offus en Autre-Eglise. Achter zijn infanterie, in tweede lijn, plaatst Marlborough een sterke cavaleriereserve; op zijn linkerflank, in het zuiden, komt de andere helft van zijn cavalerie, versterkt met Deense eskadrons. Terwijl zijn manschappen met aanvallen het Franse centrum en linkervleugel proberen vast te zetten, lanceert Marlborough het gros van zijn cavalerie op de rechterflank van de vijand om die te destabiliseren en de geallieerde aanvallen op de vijandelijke stellingen te ondersteunen.

De slag begint omstreeks 13u met een klassiek artillerieduel. Dat wordt vanaf 14u10 gevolgd door hevige geallieerde infanterieaanvallen op de dorpen Taviers, Ramillies, Offus en Autre-Eglise. De strijd is intens. Maarschalk de Villeroy vreest dat zijn linkervleugel bedreigd wordt en gaat die dan ook versterken met eenheden uit het centrum en uit de rechterflank. Dat is meteen waar de hertog van Marlborough op hoopt. Rond 15u30 lanceert hij zijn eskadrons tegen de Franse rechtervleugel. Zijn cavalerie weet de Fransen aanvankelijk te verrassen, maar dan volgt hevig verzet vanwege de eenheden van het ‘Maison du Roi’. Met het doorslaggevende optreden van Deense eskadrons, dat rond 18u de ineenstorting van de Franse rechtervleugel bewerkstelligt, draaien de gevechten in het voordeel van Marlborough uit. Ondanks alle inspanningen van de Villeroy veroveren de geallieerden de hand op Ramillies, Offus en Autre-Eglise. Het Franse leger, opgejaagd door de vijandelijke cavalerie, ziet zich verplicht in totale chaos de aftocht te blazen.

De slag bij Ramillies bevestigt het militaire genie van de hertog van Marlborough en kost de Fransen 12 tot 13.000 gesneuvelden en gewonden, zo’n 80 vlaggen en standaarden, evenals 6.000 gevangenen. De geallieerden betreuren slechts 3.600 gesneuvelden en gewonden. In de loop van de volgende weken trekken de geallieerde troepen zegevierend door Vlaanderen en palmen ze Gent, Antwerpen, Oostende en Dendermonde in.

 

Auteur: Alain Tripnaux, historicus, voorzitter vzw Le Tricorne.

 

Literatuur

  • McNALLY Michael, Ramillies 1706, Oxford: Osprey publishing, Campaign, N°275, 2014.
  • BERNARD Henri, Le Duc de Wellington et la Belgique, Brussel : La Renaissance du livre, 1973.
  • DAVENPORT-ADAMS William Henry, Memorable battles in English history with lives of the commanders, Vol. II, Londen: Griffith and Farran, 1879.